Naar de inhoud springen

Column Nora – De taal van de suiker

Van 3 t/m 11 augustus ben ik samen met drie korfballers uit Assen naar Olstzyn (Polen) geweest. Daar was het Kortowo-kamp met onder andere een korfbalkamp. Mijn oude korfbalclub AVO heeft een paar jaar geleden een oefenwedstrijd tegen Polen gespeeld, daar zijn hechte vriendschappen uit ontstaan. Daarom reizen ze jaarlijks af naar Polen en dit jaar mocht ik mee!

De week dat ik er was, was de Poolse korfbalselectie beneden de 19 aanwezig. Maar ook andere korfballers tussen de 9 en 18 jaar waren er om dagelijks te korfballen en andere activiteiten te doen zoals kanoën en zwemmen. Wij als Nederlanders konden goed helpen met training geven en begeleiden. Polen is namelijk een opkomend land qua korfbal en wij kunnen ze de nodige tips geven.

De grote vraag is natuurlijk hoe het mijn suikers is gegaan. Nou, met trots kan ik vertellen dat naar omstandigheden de bloedsuikerwaarden prima waren. Ik heb wel wat hypo’s gehad door het warme weer (40 graden), sporten en feesten. Maar door de vaste tijden van het eten in de kantine en het vermijden van fastfood was de diabetes geen struikelblok voor de vakantie.

De taal was dat wel. De oudste begeleiders en de jongste kinderen spraken geen Engels. Dan ben je erg beperkt met handgebaren en gezichtsuitdrukkingen. Dat het dus soms wel eens mis ging was te verwachten. Zo kwam het voor dat ik vol overtuiging met jongetjes van tien jaar mee schreeuwde ‘Wolne Konopie’. Ik was in de overtuiging dat het betekende: “Wij willen trainen”. Het betekende echter heel wat anders. Ze zongen de woorden van een proteststicker die op hun kamer hing met de Nederlandse vertaling: Legaliseer Wiet. Oeps.

Ook zijn er momenten dat je elkaar wel begrijpt. Zo was er een klein mollig jongetje dat graag met mij wilde communiceren, maar geen woord Engels sprak. Het was een hilarisch jongetje. Hij vertelde na het tegelijk drinken van twee pakjes sap dat hij daaraan verslaafd was. Daarom gaf hij zijn portemonnee steeds aan de begeleiding om te veel kopen te voorkomen. Praten met mij ging lastig. Altijd moest er een vertaler in de buurt zijn anders keek hij mij aan met een gefrustreerd hoofd. Hij sprak langzaam de Poolse woorden uit die totaal niet bij mij aankwamen.

Tot hij op een gegeven moment bij mij kwam toen ik net ging prikken. Na eerst wat verbazing zag ik herkenning op zijn gezicht toen de bloeddruppel tevoorschijn kwam. ‘Aha’, hij schudde met zijn hoofd en liep weg. Ik heb geen idee of hij suikerziekte kent, maar hij wist sowieso dat het mis was. Iedereen, diabetes of niet, weet dat het moment dat iemand zichzelf prikt of spuit, het niet goed is. Zo kan ook elk persoon zich voorstellen dat het een stomme ziekte is. Dat is de taal van de suiker. En diegene die hem niet spreekt, kan het misschien wel begrijpen, maar twee van de tien keer zullen ze het fout begrijpen omdat ze beperkt zijn tot handgebaren.

Naast de jonge generatie kon ook de oude generatie geen Engels. Zij waren super aardig. Een ontzettend lieve moeder van een supertoffe meid kende geen woord Engels. Toch heeft ze mij de hele vakantie in het Pools koffie, ijsjes, cocktails, etc. aangeboden. Bij het vertrek moest ze huilen. Ondanks dat we alleen hebben gecommuniceerd via haar dochter, hadden we allemaal tranen in onze ogen. Want de taal van emotie spreekt iedereen.

Zoete Smak, Nora

Suikers tijdens het schrijven: 18,6